Winterlogboek – Paul Auster

Winterlogboek – Paul Auster

winterlogboekJe bent een schrijver en je wilt vertellen over je leven tot nog toe. Je bent bijna vierenzestig jaar, maar net als in de woorden die de Franse acteur Jean Louis Trintignant tegen je sprak – ‘now at seventy-four I feel much younger than I did when I was fifty-seven’ – heb je je wel eens ouder gevoeld. Je denkt dat jou niet de dingen overkomen die bij andere mensen gebeuren, maar dan – een voor een- overkomen ze je toch. Je bent niet meer de held in je eigen leven.

Je beschrijft je leven aan de hand van je eigen lichaam. Waar je allemaal geweest bent – van Manhattan, Californië, Minnesota tot de jaren die je in Frankrijk hebt gewoond. En wat je allemaal wel niet gedaan hebt met je handen, hele opsommingen beschrijf je.

De mensen die belangrijk voor je zijn. Je levenslustige moeder die zich ontworstelde aan het slechte huwelijk met je vader en het geluk vond met een nieuwe man. Na zijn dood verloor ze haar levenslust, tot je haar uiteindelijk moest onderhouden.

Meisjes die je gekend hebt. Van de dramatisch slechte keuzes in je middelbare schooltijd tot de avonturen met vrijgevochten meisjes op de boot naar Europa en het onwaarschijnlijke feit dat je tot twee keer toe in een vliegtuig naast een aantrekkelijk en intelligent meisje kwam te zitten en na een uur praten de reis zoenend en vrijend voortzette.

Je eerste huwelijk dat al na een paar jaar strandt en je tweede huwelijk met een Amerikaanse van Noorse afkomst. Intieme details geef je niet prijs en uit de verwijzing dat ‘some of the most beautiful places are on your wifes body’, spreekt respect.

Je lichaam dat na een paniekaanval ineenstort als je moeder overlijdt; de fysieke ervaring van een dansvoorstelling die je uit je writers block haalt, de inspanning van een helse autotocht door een sneeuwstorm terwijl je schoonfamilie op je vertrouwt. En de kleine brandweerman, die je al jong in je broek ontdekt.

De dood die je van dichtbij meemaakt als een vriendje naast jou door de bliksem getroffen wordt.  De dood die je fysiek ervaart in Bergen-Belsen en de herinnering aan de Twin Towers als je wekelijks van Brooklyn naar Manhattan reist.

Na een paar maanden schrijven heb je een beeld van een mensenleven gegeven – vitaal, niet uniek, maar wel uitzonderlijk. Niet sentimenteel of heroïsch, maar ook niet oppervlakkig. Net zoals in een echt leven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *